Hub Coonen Fine Abstract Sculpture

TECHNIEKEN


"Veel Gehanteerde Beeldhouwtechnieken"

Inleiding

Bij het werken met de steen komen er een aantal problemen steeds weer terug.
Hieronder een overzicht van veel voorkomende technieken.
Wellicht zijn er meer handigheden, geef ze aan me door dan neem ik ze hier op.
De onderstaande lijst zal regelmatig worden aangevuld en vollediger worden gemaakt.

Inhoud
  -
Lijnen zetten op de steen
  - Het hakken van een vlak
  - Het hakken van een buitenhoek
  - Zorgen voor een rechte onderkant
  - Het beeld op een pin zetten
  - Het hakken van een bol (of een deel ervan)
  - Het lijmen van een (gebroken) steen
  - Het hakken van een inkeping (binnenhoek)
  - Polijsten
  - Overnemen van een vorm
  - Splitsen van een groot stuk steen

Lijnen zetten op de steen
Het komt vaak voor dat er markeerlijnen op een steen aangebracht moeten worden. Dat gaat goed met vetkrijt, zacht potlood of een kraspen. Het nadeel van het zachte potlood is dat de streep snel weg slijt en onder stof verdwijnt, maar kan daarom dus goed gebruikt worden voor schetsen op de steen, het is daarna weer weg te wrijven. Vetkrijt verdwijnt minder snel, maar geeft een brede lijn. Een kraspen krast een dunne lijn in de steen, die niet slijt. Langs een metalen voorwerp geeft het strakke, rechte, dunne lijnen, maar de karaspen kan ook uit de losse hand gebruikt worden. Deze methode is handig om over een steen een soort middenlijn aan te geven. Die blijft dan lang staan. Een nadeel is dat de steen beschadigd raakt. Als de druk op de kraspen te hoog is, dan wordt de lijn te diep en kan dan het uiteindelijke oppervlakte beschadigen. De kraspen verleent ook goede diensten om bij het hakken van een vlak de randen te markeren. Als lineaal wordt vaak een stalen lineaal gebruikt, maar ook (oude) bladen van een ijzerzaag lenen zich er goed voor. Het voordeel van zo'n blad is dat deze soepel is en met de steen mee vormt.
<terug naar inhoud>

Het hakken van een vlak
Het maken van een recht vlak komt vaak voor tijdens het houwen. Een steen is soms grillig van vorm, terwijl de vorm die voor ogen staat vlakke delen moet hebben. Dit kan bv de onderkant zijn waarop het beeld moet gaan staan. Zeker bij de kubistischer of constructivistischer ontwerpen is het vaak  nodig om een of meer vlakken te hakken. Markeer het te hakken vlak rondom met een lijn. Een kraspen is er bijzonder geschikt voor. Als het een perfect vlak moet worden, doe het dan nauwkeurig langs een lineaal en meet het goed uit. Als er nauwkeurig gewerkt moet worden hou er dan rekening mee dat er bij schuren en polijsten nog weer materiaal (1 tot 2 millimeter) verdwijnt. In het onderstaande worden afmetingen aangegeven om orde van groottes aan te geven. Steenhouwen is geen milimeter werk ook al lijkt het er in bijgaande tekst wel op. Als er veel steen verwijderd moet worden neem dan eerst de jop.  Neem daarna een smalle (halve centimeter oid) vlakbeitel en verwijder de steen langs de getrokken lijn. Is het een zachte steen, dan kan de beitel schuin in de lijn gezet worden (zodat het materiaal wegspringt van het beoogde vlak) en kan daarna met de lijn mee materiaal verwijderd worden. Bij een harde steen de steen direct langs de lijn openhakken. Zorg dat er een stompe hoek ontstaat, dat geeft de minste kans op afbreken. Een hoek van 45 graden ten opzichte van het uiteindelijke vlak is al mooi als eerste slag. Doe dit nauwkeurig als dit een lijn wordt die later in het beeld zichtbaar wordt. Wees voorzichtig bij eventuele aanwezige hoeken. (zie verder).
Nu is de oorspronkelijke lijn van de kraspen omgezet in een haklijn die zichtbaar is, maar ook de rand van het vlak zal worden. Ga zo mogelijk nog een keer met de beitel rond langs de lijn om de rand verder af te zetten, waarbij het vlak meer wordt benaderd, tot bv een hoek van 30 graden. Hierdoor wordt er een bult van nog te verwijderen materiaal zichtbaar boven op het beoogde vlak. Door op deze wijze de lijn te benadrukken, wordt bereikt dat we bij het verder hakken minder dicht bij de rand komen, waardoor de kans op afbreken van de steen kleiner wordt. Neem vervolgens een spitsbeitel en ga de bult verwijderen. Blijf met de spits tot een centimeter weg van de rand en zet de spits in de buurt van de rand niet recht op de steen. Dit weer om de kans op breuk te verkleinen. Als de bult minder hoog is geworden, tot ongeveer een centimeter boven het vlak, neem dan nog een keer de vlakbeitel. Omdat er al veel materiaal weg is, kan de hoek verder verkleind worden. Doe dit desnoods weer in een aantal rondgangen en wissel af met spitsen om de bult nog minder hoog te krijgen. Nu er nog maar weinig materiaal over is ontstaat er bij het spitsen kans op losbreken van materiaal uit het beoogde vlak.Zet de spits dus niet te recht op de steen en zet niet te veel kracht. Als de hoek die gemaakt wordt met de vlakbeitel ongeveer 10 graden is, eem dan zo mogelijk een bredere vlakbeitel (ongeveer 1,5 cm). Daarmee is een strook van zeker een centimeter goed vlak te krijgen. Als de bult  een halve centimeter hoog is neem dan een tandijzer en werk in stroken het overtollige materiaal weg tot vlak boven (1 mm) het uiteindelijke vlak. Gebruik na het tandijzer de cesseel (of brede vlakbeitel) om de rest van het materiaal te verwijderen. Indien nodig kan het vlak daarna verder geschuurd worden, waardoor de haksporen verdwijnen en gereed is om te polijsten.
<terug naar inhoud>

Het hakken van een buitenhoek
Een hoek is zeer kwetsbaar en dient daarom voorzichtig behandeld te worden. Om de kans op afbreken van een van de randen zo klein mogelijk te krijgen. Bij het hakken, dient in de buurt van een hoek altijd tegen het materiaal in gehakt te worden. Hak dus nooit van de steen af. De afstand  waarop nog veilig naar de hoek gehakt kan worden is afhankelijk van de gebruikte beitel en de steen soort. Hoe zwaarder de beitel en de slag des te meer afstand moet gehouden worden. Bij een jop al snel 5 centimeter, bij een gewone beitel ongeveer 2 centimeter. Als drie vlakken bij elkaar komen maak dan eerst de hoek van twee vlakken en daarna die van het laatste vlak. Trek een lijn (dat kan een denkbeeldige zijn) die de hoek tussen de eerste twee vlakken in tweeen verdeeld. Zorg dan dat de beitel in de buurt van de hoek  nooit over die lijn komt. Vlak bij de hoek ligt de beitel maar weinig op de steen en naarmate verder van de hoek gehakt wordt komt de beitel meer op de steen. Hak de hoek niet echt vlak, maar laat deze iets uitsteken. Dat is later gemakkelijk weg te schuren en zorgt voor meer stevigheid van de punt die ontstaat.
<terug naar inhoud>

Een rechte onderkant
Als de steen grillig is aan de kant die de een (vlakke) onderkant moet worden, dan moet de onderzijde vlak worden gehakt. Het hakken van een vlak is boven beschreven. Een probleem wordt vaak gevormd door het niet goed kunnen trekken van de lijn. Dat is op te lossen door de steen rechtop te zetten op een vlakke tafel/vloer en op een of andere manier te steunen. De steen moet in de uiteindelijke positie komen te staan en aan de onderzijde rondom voldoende vrij staan. Soms kan dit tegen een rechtop staande muur of doos. Ook is het mogelijk met wiggen aan de onderzijde aangebracht, het beeld vrij te laten staan. Misschien kan ook iemand anders de steen vast houden. Nu steken aan de onderzijde punten uit de eraf moeten. Bepaal de hoogste positie die nog behouden kan blijven en neem dat als referentiepunt. Pak een potlood en zoek een doosje, vlak stuk hout o.i.d. en leg het potlood er op. De hoogte van het doosje of stuk hout moet zodanig worden gekozen dat de punt van het potlood op de hoogte (of iets boven) het referentiepunt komt. Door nu met dit geheel (potlood op ondersteuning) rond de steen te gaan wordt op constante hoogte een onderlijn getrokken. Met een kraspen kan deze vervolgens permanenter worden gemarkeerd waarna het grondvlak kan worden gehakt.
<terug naar inhoud>

Op een pin zetten
Een beeld wordt soms ontworpen om op een pin te zetten. Het beeld lijkt dan te zweven en in evenwicht te zijn boven een sokkel. Zorg in ieder geval voor een sokkel die zo zwaar en groot is dat het geheel niet omvalt. Door een groot grondvlak van de sokkel is dat over het algemeen al te bereiken. Bepaal of de pin zichtbaar moet zijn en zoja hoe deze er uit moet zien. Als de pin niet zichtbaar hoeft te zijn dan kan elk type pin genomen worden. Over het algemeen wordt de pin vastgezet in zowel sokkel als beeld, maar het is ook goed mogelijk om de pin slechts in of sokkel of beeld vast te zetten. Neem een stevige pin, minimaal 5mm, maar als het beeld erg goot is dan moet de pin natuurlijk dikker zijn. B ij kleine beelden voldoet een grote spijker of een stuk draadeinde. E en gat waar de pin in moet komen kan goed geboord worden met een betonboor. Zorg dat deze er goed loodrecht op het grondvlak  in gaat. Laat zonodig iemand het beeld, liggend en ondersteund, goed vasthouden en boor zelf evenwijdig aan een tafelblad en of muur. Het gat mag iets groter zijn dan de pin. Boor zowel in beeld als sokkel en kijk of het geheel goed past. Buig desnoods de pin nog even (niet met de steen!) zodat sokkel en beeld goed tov elkaar staan. Lijm met twee componentenlijm (of steenlijm) de pin vast in de delen waarin het moet. Als de pin vastgelijmd wordt voldoet een diepte van het gat van 2 cm, maar als er niet gelijmd wordt moet de diepte minimaal 5 cm zijn. Als de pen zichtbaar moet blijven, kies dan een mooier materiaal en let dan op de kleur. Deze moet bij de steen passen. De pin is dan langer dan de diepte van de gaten, zodat er een afstand blijft tussen sokkel en beeld Soms is het mooi om de pin op te dikken met een andere buis. We willen immers een dunne pin, want dat boort het gemakklijkst.  Lijm een buis weer vast om de pin en het beeld kan uiteindelijk steunen op deze dikkere buis. Handig zijn verchroomde cv-buizen of aluminium pijpen.
<terug naar inhoud>

Het hakken van een bol Een bol hakken is moeilijk omdat deze er van alle kanten  perfect uit moet zien. Hak eerst een cilinder. Dat kan bv door zowel in het bovenvlak als in het ondervlak van de steen twee cirkels te markeren die ten opzichte van elkaar goed gepositioneerd zijn. De middelpunten moeten boven elkaar liggen. Vervolgens kan de cilinder rondom gehakt worden door steeds twee punten van de cirkel in rechte lijn te verbinden. De cilinder is ook te benaderen door een herhaald hakken van raakvlakken langs de cirkelstraal. Hak eerst een vlak dat uiteindelijk loodrecht komt te staan, loodrecht op de cirkelstraal. Hak vervolgens het raakvlak aan de tegenoverliggende zijde van de cirkel. Daarna de twee vlakken die hier haaks op staan. Dan het 45-graden vlak dat twee vlakken onder een hoek van 45 graden snijdt. Herhaal dit een aantal malen , waarbij de hoeken steeds kleiner worden. Als er slechts rillen over zijn kunnen deze worden weggeschuurd. Als de cilinder gereed is, kan het spel met de vlakken herhaald worden, maar nu loodrecht op de cilinder. Het aftekenen gaat wat moeizaam, maar omdat het vlakken worden zijn ze goed uit te richten. Een ander benadering is om eerst een kubus te hakken en daarbinnen in met behulp van de vlakken een bol. Dat is een safe methode, omdat veel referentiepunten aangebracht kunnen worden buiten op de kubus, maar dit levert het meest hakwerk. Op deze wijze kunnen natuurlijk ook delen van bollen of ander afrondingen worden gehakt. Probeer desnoods eerst op een stuk papier uit hoe achtereenvolgens de vlakken gepositioneerd moeten zijn.
<terug naar inhoud>

Het lijmen van steen In een aantal gevallen is het wenselijk of nodig om steen te lijmen. Dit wordt bv gedaan om een beeld dat in twee delen is gehakt  te verlijmen tot het uiteindelijke grote exemplaar. Dan kan een beeld, gemaakt in hanteerbare delen,  uiteindelijk toch als een groot beeld gepresenteerd worden. Ook wordt het toegepast om een beeld op te bouwen uit lagen van verschillend materiaal. Bv gelaagd witmarmer en arduin. Op  basis van dunne platen kan dan toch een blok worden gemaakt. Soms komt het voor dat een steen breekt tijdens het hakken. In vele gevallen is het dan mogelijk om de twee delen weer aan elkaar te lijmen. Verzamel in zo'n geval zo veel mogelijk afgebroken splinters want die gaan de later naad weer zo goed mogelijk opvullen. Steenlijm is een twee componentenlijm. Sommige mensen zijn er allergisch voor, dus wees voorzichtig voor aanraking met de huid. De lijm bestaat in transparante en witte uitvoering. Veelal is het wenselijk om de lijm bij te kleuren, zodat deze later minder opvalt omdat onzichtbaar lijmen niet bestaat. Vooral bij witte steensoorten blijft de lijmnaad zichtbaar. Bijkleuren kan met pigmenten, maar ook met materiaal dat tijdens het schuren van de steen is verwijderd. Vooral steenstof dat vrijkomt bij het vijlen is goed bruikbaar. Gebruik geen gruis van het hakken, want dat is relatief groot en komt tussen de twee delen en zorgen voor een zodanig afstand dat de hechting minder is en de naad te zichtbaar blijft. 
<terug naar inhoud>

Het hakken van een inkeping Als voorbeeld wordt hier beschreven hoe een inkeping gemaakt wordt in het bovenvlak van een vierkant stuk steen. Er zijn veel variaties op te bedenken, maar het basisprincipe blijft hetzelfde. Markeer met een kraspen de steen die moet worden verwijderd. Er ontstaat dan aan de voor- en achterzijde een v-vormige lijn, waarvan de bovenkanten van de v's in het bovenvlak met elkaar zijn verbonden door evenwijdige lijnen. Er moeten nu twee vlakken gehakt worden die elkaar snijden, onder in de punt van de v's. Hak eerst de lijnen in het bovenvlak vrij. Sla de fase met de jop over, want dat werkt nu niet omdat er geen vrije zijkant is waar stukken steen afkunnen springen. Ga dus direct de lijn vrijhakken. Let op bij de hoeken die gaan ontstaan. Behandel die zoals beschreven bij het hakken van hoeken, dus naar de steen toe. Als de hoek vrij is , dan ontstaat er als het ware vanuit de hoek een vlak. Hak dat verder naar de punt van de v toe, maar laat wat materiaal zitten in het diepste punt van de v. Doe dit voor alle vier hoeken en schuine kanten van de v. Nu kunnen de aanwezige vlakken steeds verder worden opgerekt, waarbij uiteindelijk de evenwijdige lijnen totaal vrijkomen, maar onder in de punt van de V nog steeds materiaal zit. Als er symmetrisch gewerkt is, dan heeft dit de vorm van een sigaar over de hele breedte van de steen. Maak deze sigaar steeds dunner, maar hoe hem op lengte door de vlakken te verdiepen. Op een gegeven moment gaan de vlakken elkaar raken, waarbij er een wat afgeronde hoek ontstaat. Door nu regelmatig met de beitel afwisselend langs de twee ontstane vlakken naar beneden te hakken, ontstaat er een mooie scherpe lijn. Zorg dat deze zo recht mogelijk wordt. Als het goed is kan  er nog voldoende materiaal verwijderd worden, omdat er in het begin niet volledig naar de punt van de V is gehakt. Die speling gaan we nu gebruiken om de lijn zo recht mogelijk te krijgen.
<terug naar inhoud>

Polijsten Polijsten begint als het schuren afgelopen is. Schuren met waterproof schuurpapier loopt in een aantal stappen naar uiteindelijk 1000 of 1200. Na schuren met 600 zijn eigenlijk geen krassen meer te zien en wordt de steen intenser van kleur en gaat glanzen naarmate er fijner geschuurd wordt. Er zijn diverse soorten polijstmiddelen. Er kan bv gebruik gemaakt worden van oxaalzout of speciale polijstpoeders. In alle gevallen geldt dat gewerkt moet worden in een schone omgeving. Zorg dat er bv geen steengruis in de buurt is. Gruis of ander harde delen zullen weer krassen doen ontstaan op de zorgvuldig geschuurde steen. Oxaalzout wordt met een vochtige jutelap op de steen opgebracht over het totale oppervlak dat glanzend moet worden. Na een minuut intrekken,  wordt met dezelfde vochtige jutelap de steen onder stevige druk drooggepoetst. Omdat jute grof is, ontstaat er een hogere temperatuur aan het oppervlakte van de steen, waardoor de polijstbewerking sneller verloopt. De totale tijd is natuurlijk afhankelijk van de groote van het beeld. Voor een klein beeld ( 10*10*10) kost dit toch al snel 10 minuten  en door de druk die uitgeoefend moet worden is het een behoorlijk inspannend, dus warm werk. Het glanzende oppervlakte is vervolgens vrij ongevoelig voor krassen. Je kunt huisstof bv  rustig met een doek afvegen. Als het beeld buiten in de regen komt te staan zal  de glanslaag langzamerhand weer verdwijnen, maar dat komt door de chemische reactie veroorzaakt door vervuilende stoffen in het regenwater. Na het polijsten kan de steen nog ingesmeerd worden met marmerwas. Dat maakt de kleur nog intenser en de glans stralender. Nadeel is dat het een vettige oppervlakte geeft, waar vingerafdrukken op kunnen achterblijven. Van de ander kant beschermd de was tegen chemische aantasting, maar de wasbehandeling moet dan wel regelmatig herhaald worden. Als de steen buiten komt te staan en glanzend moet blijven valt te overwegen de steen met lak in te smeren. Dat is mooi in het begin, maar als de lak gaat schilferen wordt het al snel lelijk. Ook een lakbehandeling moet dus regelmatig herhaald worden. 
<terug naar inhoud>

Overnemen van een vorm Het overnemen van drie dimensionale vormen is veel werk omdat tegelijkertijd drie dimensies in de gaten gehouden moeten worden.  Het komt veel voor, omdat er vaak eerst een schaalmodel gemaakt is van het uiteindelijke beeld. Er zijn een aantal technieken. Voor een aanzicht kan de vorm overgenomen worden vanuit de projecte in het platte vlak. Dat kan redelijk uitgemeten worden, ook al is de steen grillig van vorm. Zorg voor een goede referentielijnen op beide objecten en meet steeds ten opzichte van die lijnen. Als de omtreklijn staat, hak dan de buitenomtrek. Als de vorm voor dit aanzicht naar tevredenheid is, draai dan de objecten 90 graden en herhaal de excercitie. Het uitmeten zal nu al eenvoudiger gaan, omdat er af en toe referentiepunten uit het andere vlak worden ontmoet. Een andere methode gaat uit van het kunnen inmeten van referentiepunten. Zet de beide objecten neer zoals ze uiteindelijk ook gelijkenis moeten vertonen. Met een winkelhaak kunnen nu vanaf het grondvlak referentiepunten gemeten en aangegeven worden. Dit kan op een aantal hoogtes. Soms is het referentiepunt aan de oppervlakte, markeer dan met krijt, potlood of kraspen. Als het punt inwendig ligt, dan kan met een boor soms materiaal worden verwijderd, zodat het referentiepunt bestaat uit de boorpunt. In een aantal gevallen kan er ook direct worden gehakt, net zolang tot het referentiepunt aan de oppervlakte ligt. Dit kan verder worden doorgevoerd door een lineaal, vastgehouden of vastgezet aan de winkelhaak, weer evenwijdig aan het grondvlak te positioneren. Dan kan de diepte genomen worden tot aan de loodrechte lijn van de winkelhaak. Er is ook een copieer hulpmiddel in de handel, een soort kam met beweegbare pennen. Druk deze eerst op het origineel en hak de copie daarna bij zodanig dat de pennen weer aansluiten. Hiermee kunnen geen vergrotingen worden gemaakt. Wel kan dit worden gebruikt om een lijnafdruk te maken en deze weer te vergroten mbv ruitjesvergroting.
<terug naar inhoud>

Splitsen van een groot stuk steen Soms moet een stuk steen worden gesplitst. Dat komt voor als een steen te groot is voor het uiteindelijke beeld. Dan kanl te veel tijd kosten om het overtollige materiaal weg te hakken ofwel  het te verwijderen deel is groot genoeg om gebruikt te worden voor een volgend beeld. Zet in alle gevallen  met een kraspen een lijn rondom de steen. Doe dit op ruime afstand van het uiteindelijk te bewaren vlak. Dit omdat er geweld gebruikt gaat worden en een steen vreemd kan springen. Ook hier weer een aantal methodes. Met een boormachine kunnen gaten worden geboord rondom de steen op de getrokken lijn. Deze gaten moeten groot genoeg worden om wiggen te kunnen plaatsen. De ondeerlinge afstand van de gaten mag een paar centimeter zijn. Plaats dan in elk gat een wig en tik met een moker rondom de wiggen er stevig in. Ga zolang rond tot de steen breekt. De breuk wordt veroorzaakt door haartscheurtjes die ontstaan vanaf de punten van de wiggen. De maximale dikte van de steen wordt bepaald door de afstand van de punten van tegenover elkaat geplaatste wiggen. Reken op omgeveer 30 cm. Bij een ander methode wordt de getrokken lijn met handbeitels en/of haakse slijper zo diep mogelijk gemaakt. Dat zal meestal 2 a 3 cm zijn.  Leg de steen dan op een stevige ondergrond, bv een vlakke vloer die tegen een stootje kan. Pak nu een oude beitel of een jop. Ga nu rondom met de beitel en sla er steeds een of twee keer flink  met de moker op. Zet de beitel steeds weer naast zich zelf. Ga net zolang rond tot dat de steen breekt. Ook hier wordt de breuk weer veroorzaakt door haarscheurtjes.
De maximale dikte van de steen kan zo'n 20 cm zijn.

<terug naar inhoud>